Skip to content

Overheid en ondernemerschap: gezworen vrienden…

Overheid en ondernemerschap: gezworen vrienden…

Het verhaal gaat dat bij de komende verkiezingen linkse partijen geen voet aan de grond krijgen omdat alle partijen, dus ook de rechtse, naar links zijn opgeschoven. Er is een soort banvloek uitgesproken over het neoliberalisme, en het lijkt erop dat bijna alle partijen deze mode volgen. In het kort: in de jaren negentig besloten we collectief – rechts en links – om ‘publieke diensten’ meer aan de markt over te laten, want de onzichtbare arm zou ons meer innovatie, lagere kosten en dus meer welvaart opleveren. En laten we eerlijk zijn: dat is grosso modo ook gewoon gebeurd. Om wat voorbeelden te noemen: niemand zal het positieve effect van privatisering en liberalisering van de telefoniemarkt in twijfel trekken, over de energievoorziening en het openbaar vervoer lopen de meningen al decennialang uiteen, terwijl de zorgmarkt juist in het huidige tijdsgewricht zwaar onder vuur ligt.

Niet in de laatste plaats door – het uitvergroten van – excessen schiet de pendule inmiddels razendsnel de andere kant op. Lees alle partijprogramma’s er maar op na. We willen weer een sterke overheid, de markt zou te veel slachtoffers maken, onder het mom van participatie en zelfredzaamheid hebben we misstanden laten ontstaan en bestaan, en ga zo maar door. En dat zou allemaal zijn gekomen door de dominantie van het marktdenken, het centrale thema van het neoliberalisme. Vreemd genoeg zijn veel van die excessen overigens niet ontstaan door marktfalen, maar juist door en onder de hoede van de overheid. Belastingdienst, UWV, CBR, GGD, ze liggen allemaal onder vuur. Maar dat even terzijde, want daar gaat het mij nu niet om. Daarover wordt bovendien al genoeg gesproken.

In alle bescheidenheid: ik denk dat er een denkfout wordt gemaakt. Het gaat mijns inziens niet over de vraag òf de overheid òf de markt belangrijke diensten moeten organiseren, het gaat veel meer om de vraag hòe we het zo organiseren dat we de juiste diensten, en in voldoende mate en van goede kwaliteit, tegen de laagst haalbare kosten kunnen voortbrengen. Het is een misvatting dat de brandstof hiervoor, mijns inziens een cocktail van ondernemerschap, innovatie, flexibiliteit, doelgerichtheid, binnen een overheids-gedomineerde organisatie per definitie zou ontbreken. Wel is het van doorslaggevend belang dat de organisatie verantwoordelijk voor de voortbrenging van diensten voldoende houvast heeft om zich als een onderneming te gedragen. Bewust gebruik ik hier het begrip ‘houvast’, daar waar misschien ‘ruimte’ zou kunnen worden verwacht. Het houvast van een bedrijf bestaat allereerst uit concrete doelstelling; in de overheids-gedomineerde organisaties gaat alleen de politiek daarover, niemand anders. Maar deze organisatie moet ook wendbaar zijn; als in een ‘gewoon’ bedrijf moet kunnen worden ingegrepen, in strategie, in leiding, in organisatie, in middeleninzet, en ga zo maar door. Goed bestuur en goed toezicht, met begrip voor maatschappelijke doelstelling, maar met kennis van het (bij)sturen van ondernemingen zijn daarvoor onontbeerlijk. En juist door het opereren op afstand van politiek-bestuur wordt tegelijkertijd aan nog een andere succesfactor voldaan: de noodzaak van voorspelbaarheid. En misschien is dat ook wel het meest elementaire verschil tussen een overheid en bedrijf, tussen de dynamiek van de democratie en de dynamiek van een onderneming. Een kloof die in onze samenleving even noodzakelijk als onoverbrugbaar is. Als we in deze kloof blijven ronddolen, worden de bij de eerste de beste regenbui weggespoeld.

Deze observatie komt niet de lucht vallen. In mijn rol als voorzitter van de Raad van Commissarissen van Scalabor BV, het Sociaal Werkbedrijf van de gemeente Arnhem (en actief voor nog veel meer gemeenten in de regio) heb ik mogen bijdragen aan toepassing van dit inzicht bij de vormgeving van de structuur: een onderneming (als BV), met de gemeente Arnhem als enig eigenaar, en een onafhankelijke Raad van Commissarissen als bundeling van m.n. bedrijfservaringen. Gezien de regionale oriëntatie en de specifieke doelstelling is nauwelijks sprake van normale marktomstandigheden. Maar dat Scalabor opereert als een onderneming, trekt niemand in twijfel. Sterker nog: belanghebbenden zijn er zelfs blij mee. Aan de onderneming Scalabor de dagelijkse opdracht om dat zo te houden. Ook dat is goed ondernemerschap.

Misschien een visie die niet geschikt is voor een boeiende, politieke ‘welles-nietes’ discussie, maar zolang we niet willen inzien en benoemen dat overheden en bedrijven intrinsiek verschillende organisaties zijn die vanuit verschillende optieken naar dezelfde werkelijkheid kijken, gaan we voorbij aan het echte vraagstuk en dus aan een echte oplossing.

Delen!

Facebook
Twitter
LinkedIn
Email